Door te filosoferen ga je beter leren.

Filosoferen in de klas kent vele voordelen. Naast de bekende effecten op persoonlijkheidsvorming, expressievaardigheid en het ontwikkelen van een waardesysteem, zijn er ook onderzoeken die bewijzen dat filosoferen een positief effect heeft op de op de cognitieve ontwikkeling. Inmiddels zijn meerdere wetenschappelijke onderzoeken uitgevoerd waaruit blijkt dat kinderen die filosoferen een hoger IQ verwerven.  

Een hoger IQ
Drie toonaangevende onderzoeken (Colom et al, 2014; Topping & Trickey, 2007; Fair et al, 2015) hebben in kaart gebracht wat de effecten zijn van filosoferen op onder andere de cognitieve ontwikkeling of het IQ. Dat IQ werd gemeten met de Amerikaanse en Britse CAT of CoGAT  testen.

De onderzoeken vonden plaats op drie scholen. Ten eerste een school waar kinderen meerdere jaren wekelijks filosoferen en de school een onderzoeksgemeenschap is. Ten tweede op een school waar anderhalf jaar lang wekelijks gefilosofeerd wordt. Tenslotte werd een school onder de loep genomen waar gedurende 25 weken een uur gefilosofeerd wordt per week. De onderzoeken vonden plaats in Spanje, Schotland en de Verenigde Staten. Omdat IQ een significante voorspeller is van schoolresultaten, waren deze onderzoeken relevant voor school, filosofeerdocenten en de onderzoekers.

Het IQ van de leerlingen die filosoferen nam gemiddeld toe met 6 tot 7 punten, wat opmerkelijk grote toename is. Kijkend naar de effecten op de groepen met verschillende intelligenties bleek dat vooral de middengroepen profiteerden: de groep met een IQ lager dan 91 ging 5,6 punten vooruit, de 91-98 groep 7,3 punten, de 98-106 groep 6,1 punt en de groep >106 1,8 punten. Ter vergelijking: de onderzoekers melden dat een veel gebruikt individueel begeleidingsprogramma voor zwakkere leerlingen maximaal een stijging van 5 IQ-punten oplevert.

De variabelen in één van de onderzoeken (Topping & Trickey, 2015) waren, naast het geslacht, ook de cognitieve vermogens op verbaal, wiskundig en non-verbaal gebied. Op verbaal gebied was de vooruitgang gemiddeld bijna 5,8 punten, op wiskundig gebied 5 en op non-verbaal gebied 7,2 punten. Zowel jongens als meisjes profiteren van het filosoferen, maar jongens scoren vervolgens 7 punten hoger in de testen en meisjes 5 punten. De onderzoekers vinden dit positief, omdat de prestaties van jongens in het onderwijs over het algemeen achterblijven. De meisjes profiteren meer wiskundig, de jongens verbaal en non-verbaal. De onderzoekers hadden verwacht dat uitsluitend op verbaal gebied een effect te zien zou zijn. In de tabel staat één en ander schematisch weergegeven.

Twee van deze onderzoeken (Topping & Trickey, 2007; Fair et al, 2015) hebben ook de langetermijneffecten in kaart gebracht. Hieruit blijkt dat de effecten na 2 en 3 jaren globaal standhouden, ook als niet meer gefilosofeerd wordt. Het aantal keren dat gefilosofeerd is, is daarbij niet van grote invloed, zolang het maar ongeveer 25 weken lang wekelijks gebeurt.

Relatief lage kosten
De onderzoekers geven aan dat de kosten per kind, in vergelijking met andere cognitieve stimuleringsprogramma’s zeer laag zijn, ongeveer 13 euro per kind en 345 euro per leerkracht, die een training van 10-12 uur nodig heeft en daarnaast periodieke ondersteuningsbijeenkomsten en een punt waar hij terecht kan met vragen.

Meer filosoferen en hoe dan?
Vanwege deze effecten adviseren diverse onderzoekers filosoferen voor kinderen op te nemen in het standaardcurriculum. Mijn eigen indruk is dat Nederland achter loopt op dit gebied. In Groot-Brittannië, Australië of de Verenigde Staten wordt op veel grotere schaal gefilosofeerd door kinderen.
De geciteerde onderzoeken in de VS en Schotland maken gebruik van de methode Cleghorn, Thinking through Philosophy, waarbij veel coöperatieve werkvormen opgenomen zijn en actief gewerkt wordt aan de metacognitieve vaardigheden. Het kan zijn dat de werkvormen een deel van het effect verklaren. Zonder nader onderzoek is onduidelijk of iedere vorm van filosoferen de weergegeven effecten tot gevolg heeft.

Voor meer informatie, raadpleeg de artikelen in de literatuurlijst, die veelal op internet te vinden zijn. Of neem contact op met Judith Damhuis, judithmdamhuis@gmail.com.

Literatuur
– Colom,  R., Moriyón, F.G., Magro, C., Morilla, E. (2014). The Long-term Impact of Philosophy for Children : A Longitudinal Study (Preliminary Results). Analytic Teaching and Philosophical Praxis, (1), 50-56. http://journal.viterbo.edu/index.php/atpp/article/view/1129/936
– Fair, F., Haas, L.E., Gardosik, C., Johnson, D.D., Price, D.P., Leipnik, O., (2015). Socrates in the schools from Scotland to Texas: Replicating a study  on the effects of a Philosophy for Children program. Journal of Philosphy in Schools, 2(1), 18-37. https://www.ojs.unisa.edu.au/index.php/jps/article/view/1100/773
– Fair, F., Haas, L.E., Gardosik, C., Johnson, D.D., Price, D.P., Leipnik, O., (2015). Socrates in the schools: Gains at three yearo follow-up. Journal of Philosphy in Schools, 2(2), 5-16. https://ojs.unisa.edu.au/index.php/jps/article/view/1268
– Topping, K., Trickey, S. (2007). Collaborative philosophical enquiry for schoolchildren: Cognitive effects at 10-12 years. British Journal of Educational Psychology, 77, 271-288.