Ingezonden kinderuitspraken

"Filosofie is een lange weg met steeds weer splitsingen"

In een plusklas in Winsum waar Fabien van der Ham regelmatig filosofeerde, keek onlangs een journalist met de les mee. Na afloop vroeg de journalist wat de kinderen eigenlijk van filosofie vinden. Dit waren de leukste uitspraken:

‘Eigenlijk hoor je geen antwoord te krijgen op filosofische vragen anders zijn het geen filosofische vragen.  Het is juist de bedoeling dat je lekker gaat bedenken hoe het zou kunnen zitten.’

‘Je kunt lekker doordenken, dat je hersens eens ergens over kraken.’

‘Meestal geef je gewoon antwoord van ja of nee maar dat je dan even doordenkt van waarom is dat zo en niet zomaar gelooft wat er wordt gezegd.’

‘Je blijft dan niet zo oppervlakkig, maar gaat doordenken van waarom is dat dan zo.’

‘Filosofie is een hele lange weg met steeds weer nieuwe splitsingen waar je gewoon kunt inslaan en weer verder kunt.’

En er was ook tegengeluid, niet erg want willen we met het filosoferen niet bereiken dat kinderen kritisch leren denken?

‘Ik zou het niet iedereen aanraden want als iedereen overal over door zou denken dan zou er helemaal niets meer vaststaan. Dan wordt de wereld niet meer een rondje maar dan wordt het ineens een vierkant en dan wordt ie weer plat. Dan is het 1+1= weet ik niet omdat iedereen filosoof is.’

   

Lesidee bij het boek ‘Aan de kant, ik ben je oma niet!’

Lesidee

Bij het boek ‘Aan de kant, ik ben je oma niet!’

door Marianne Scheeper

 

Lesdoel

Een les voor groep 7 of 8 bij het boek ‘Aan de kant, ik ben je oma niet!’ van Bette Westera met prachtige illustraties van Sylvia Weve. De verhalen in het boek zijn verdeeld over twee bladzijden per personage, met op de 1e het heden van een persoon en vervolgens zijn of haar verleden. Door in het gesprek in te gaan op de overeenkomsten en verschillen van het personage toen en nu, wordt het begrip identiteit verkend en kan ook aan bod komen wat ouder worden betekent voor anderen en jijzelf.

Achtergrond

Cover aan de kant

De kinderen denken na over het begrip identiteit vanuit de epistemologische vraag: hoe kan ik weten dat iemand dezelfde persoon is of niet? en de ontologische vraag: wat maakt iemand identiek door de tijd heen? Ook veel filosofen hebben door de jaren heen nagedacht over deze en andere vragen rondom identiteit: als je er bijvoorbeeld vanuit gaat dat persoonsidentiteit door de tijd heen niet bestaat, hoe kan een misdadiger dan nog verantwoordelijk zijn voor een daad uit het verleden? Hij was toen immers niet dezelfde persoon. En ben je nog dezelfde persoon als je een harttransplantatie hebt gehad?

 

Voorbereiding

Selecteer een verhaal uit ‘Aan de kant, ik ben je oma niet’ en kopieer dit eventueel voor de kinderen.

Leg pennen en blocnotes of kaartjes klaar waarop de kinderen iets kunnen schrijven.

Voor de verwerkingsopdracht: google een duidelijke afbeelding van een teletransporter (bijvoorbeeld van Star Trek, van dr. Barabas uit Suske en Wiske of uit Kruistocht in een spijkerbroek), print uit op wit A3 papier en kopieer deze een aantal keer. Leg gekleurde pennen of stiften klaar.

 

Aanpak & vragen

Lees de verhalen over één personage voor. Je kunt van tevoren de tekst kopiëren zodat de kinderen mee kunnen lezen. Vraag de kinderen wat opviel aan het verhaal en bespreek dit verder met behulp van (een selectie van) deze vragen:

Wat maakt dat een mens hetzelfde is, zelfs als zijn hele uiterlijk (haar, lichaam) door de tijd heen veranderd is?

Verandert alleen je uiterlijk door de tijd heen?

Ben je nu anders dan een jaar geleden?

Ben je iemand anders als je een kunstbeen hebt? En als je een nieuw hart hebt gekregen?

Is het erg om ouder te worden?

Wanneer ben je oud?

 

Na een minuut of 10 kun je het begrip identiteit introduceren. Laat ze in tweetallen alles opschrijven over hun opa of oma (of eventueel iemand anders, zoals een favoriete tante). Loop rond en stimuleer dat er niet alleen uiterlijke kenmerken genoemd worden. Deel de kenmerken met elkaar in de kring. Vertel dat al die dingen mede de identiteit van iemand bepalen en laat naar behoefte nog aanvullen. Je kunt het gesprek nu vervolgen, eventueel met deze vragen:

LoesjeHeeft iedereen een identiteit?

Kun je je identiteit kwijt raken?

Kan je identiteit veranderen? Bepaal je dat zelf?

Is je identiteit alleen van jou?

Kun je meerdere identiteiten hebben?

 

Verwerkingsopdracht

Verdeel de klas in groepjes en geef ze een kopie van de afbeelding van een teletransporter, populair in SF-films. Leg eventueel uit waar het voor is (wellicht kunnen de kinderen zelf voorbeelden noemen uit boeken, films of strips). De opdracht:

Overleg met je groepje en schrijf samen naast de transporter wat er wel en wat er niet van je meereist als je zelf getransporteerd wordt naar de andere kant van de wereld. Je stapt in zonder verdere bagage. Ben je precies dezelfde persoon als je daar aankomt? Waarom wel/niet?

 

cover vliegende papas

 

Tip:

Een leuke les rond hetzelfde thema voor de jongste filosofen is ‘Kasper ontdekt een kopietje’ uit ‘De Vliegende Papa’s’ van Berrie Heesen.

 

 

Over Marianne Scheeper

Marianne heeft na wat internationale omzwervingen en een lange carrière in de communicatie  een paar jaar geleden het roer omgegooid en volgde de Beroepsopleiding Filosoferen met Kinderen en Jongeren aan de ISVW en een opleiding tot MediaCoach. Zij filosofeert met groepen kinderen uit alle bouwen van de basisschool en de onderbouw van het middelbaar onderwijs en geeft daarnaast workshops aan lerarenteams, ouders en andere opvoeders. Naast voorlichting geven & filosoferen over (nieuwe) media denkt zij met kinderen na over filosofische thema’s, waaronder de burgerschapsthema’s democratie en identiteitsontwikkeling. In oktober wordt de website burgerschapindeklas.nl gelanceerd. Zij is bereikbaar via Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. .

 

 

 

 

   

'Filosoferen achter de Dom': studiedag 1 november 2014

 

‘Filosoferen achter de Dom’

Een studiedag voor iedereen die Kinderfilosofie een warm hart toedraagt!

1 november 2014

Allereerst hebben we op 1 november iets te vieren. Het Centrum voor kinderfilosofie Nederland bestaat 25 jaar en we willen voor de vierde keer de Berrie Heesen prijs uitreiken aan een origineel, inspirerend of nieuw idee om te filosoferen met kinderen en jongeren. Meer informatie over de prijs en meedoen vind je hier.

 

 

Het is naast deze feestelijke zaken ook een dag om zelf te filosoferen en om van elkaar te leren. De rode draad door het programma is de vraag op welke manieren je voor de leerlingen het filosoferen kunt verbinden met ‘wat al gebeurt’. Het lijkt soms alsof het filosoferen met leerlingen een op zichzelf staande activiteit is: de filosoof en de groep denken samen na, gedurende een half uur tot uur; ervoor en erna gebeuren er andere dingen. Maar wat nu als we het filosoferen laten meelopen in de vakinhouden, initiatieven en

projecten en een bijdrage laten leveren aan ‘wat er al gebeurt’?

 

Dat roept vragen op als: wat is dan de bijdrage van het filosoferen? Waaraan herken je ‘t? Is ‘meelopen’ wel wat je wilt in het filosoferen? Maar laten we ook kijken naar mooie voorbeelden van ‘vormen van meelopen’. Daar valt veel van te leren.

 


Het programma van de studiedag zal bestaan uit grote en kleine denkoefeningen, diverse sprekers,  een workshopronde en feestelijkheden onder de bezielende leiding van Pieter Mostert.

Het definitieve programma en de mogelijkheid om je aan te melden volgt in een apart bericht.

Wanneer: 1 november 2014

Tijd: 10.00 tot 18.00 uur

Locatie: Universiteit voor Humanistiek, Kromme Nieuwegracht 29, 3512 HD Utrecht

Kosten: 85,- Incl lunch en borrel

Dagvoorzitter: Pieter Mostert

   

Pagina 23 van 30

Centrum Kinderfilosofie Nederland, Middelburgseweg 113, 2771 NJ Boskoop, e. info@kinderfilosofie.nl